Rijtest Kia Picanto GT-Line

Rijtest Kia Picanto GT-Line

1 maart 2021 0 Door Arnold

De Kia Picanto is al 17 jaar een vertrouwd gezicht op de Nederlandse wegen, en net als iedereen die in 2004 geboren is, gaat de Picanto nu als jongvolwassene door het leven. Maar het moet gezegd: al vanaf zijn introductie is de Picanto een heel volwassen autootje. Dat de kleine Kia zo geliefd is, is te danken aan een aantal kernwaarden die Nederlanders hoog in het vaandel hebben staan. “Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg” is wellicht de belangrijkste daarvan. Maar ook de Kia Picanto wil wel eens uit de band springen, zoals elke 17-jarige. De Kia Picanto GT Line laat zien dat een frivool randje genoeg is om veel lol in het leven te hebben.

Bovengemiddeld goed

In 2004 maakten we kennis met de Kia Picanto, een A-segmenter die die niet buitengewoon guitig, frivool of sportief was. Maar wel praktisch, erg betrouwbaar en vertrouwd. Tot op de dag van vandaag zie je ze nog in groten getale rondrijden, en vaak in goede staat ook nog. De tweede generatie vestigde de naam van de Picanto in het A-segment als verkooptopper. De huidige generatie verscheen in 2017 en kreeg kortgeleden een grote update. Naast technische fijnslijperij werd vooral het exterieur bijgepunt. De GT- en X-Line kregen bij de facelift een afwijkende voor- en achterbumper aangemeten. In het interieur zijn de wijzigingen iets minder zichtbaar, maar daarom niet minder ingrijpend: alle versies hebben een fraai 4,2 inch kleurenscherm in het instrumentencluster, en op het dashboard zien we de nieuwste versie van Kia’s infotainmentsysteem terug, dat we ook kennen uit de Hyundai i10. Ook in de Picanto biedt het systeem CarPlay, Android Auto, en ook de gezellige sfeergeluiden zijn er te vinden (haardvuur, terrasgeluiden, bos- en vogelgeluiden). Het fijne van dit systeem is dat het snel werkt en intuïtief te bedienen is. Met name de snelheid waarmee de navigatie in te stellen is, is noemenswaardig. Samen met zijn Hyundai-broer steekt de Kia Picanto ver boven het klassegemiddelde uit.

Vijf uitvoeringen, twee motoren, twee transmissies

Het gros van de Picanto’s wordt verkocht met de atmosferische 1.0 driecilinder motor die 67 pk levert. Het is voor de Nederlandse markt een prima motor die uitblinkt door zijn stille loop, lage verbruik en lange levensduur. In de praktijk is het een fijn motorblokje waar je zonder moeite 1 op 20 mee rijdt. Deze motor kan gekoppeld worden aan een automatische transmissie, de 1.0 T-GDI (zoals in de testauto) wordt uitsluitend met een handgeschakelde vijfbak geleverd. De Picanto kent vijf uitrustingsniveau’s: de Comfort Line, Dynamic Line, Dynamic Plus Line, X-Line en de GT-Line. De eerste drie zijn opvolgend, de X- en GT-Line hebben elk hun eigen karakter en staan op gelijke tred qua uitrusting. De X-Line is de lifestyle-uitvoering, de GT-Line mikt op de sportieve bestuurder.
De Comfortline is er vanaf € 14.995 en biedt DAB+, een noodremassistent (frontradar), het 4,2 inch bestuurdersdisplay (in kleur), airco, cruise control en elektrisch ramen voor. Al met al is dat een puike uitrusting voor een instapmodel. De Dynamic Line kost 1.000 euro meer en biedt een 8 inch multimediadisplay, CarPlay en Android Auto, Bluetooth handsfree verbinding, een achteruitrijdcamera en elektrische buitenspiegels (ook verwarmd). De Dynamic Plus Line is er vanaf € 17.295 en biedt vooral extra luxe-uitrusting, onder andere: Navigatie, UVO-Connect, climate control, led-achterlichten, 15 inch lichtmetaal. De 67 pk sterke 1.0 DPi kan ook als GT-Line geleverd worden (€ 18.095), daarvoor krijg je alle cosmetische onderdelen die ook op de testauto zitten: de bumpers, skirts, stuurwiel, lederlook bekleding en remschijven achter. Net als de i10 is de Picanto standaard een 4-zits uitvoering. Een driezits achterbank met drie gordels kost € 700 meer. De automaat kost € 1.500 extra.

Pagina's: 1 2 3